Feeds:
Berichten
Reacties

Gedicht Resi jan 2020

Wij zouden wensen dat dit gedicht van onze Resi over de hele wereld wordt gedeeld!

 

 

Ik geloof in de warmte van de zon
de woede van verterend vuur.
Ik geloof in de vruchtbare aarde
in de helende werking van de natuur.

Ik geloof in de droogte van de woestijn
de uitbarsting van een vulkaan.
Ik geloof in de donder na de flits
in het schijnsel van de volle maan.

Ik geloof in de liefde tussen wezens
in een samenleving van mens en dier.
Ik geloof in de weidsheid van het heelal
in een staat van zijn, in het nu en hier.

Ik geloof in stormen en orkanen
het spektakel van het Noorderlicht.
Ik geloof in het behoud van onze wereld
dat zijn we aan elkaar verplicht.

ik geloof in het geheime regenwoud
de puurheid van een rotsige kust.
Daarom deze krachtige wens:
leef, maar leef vooral bewust.

 

Resi Faessen-Teeuwen

Uit de oude doos, 2003: An 2

Een bijzonder gedicht van An, waarbij je spontaan in gedachten al een schilderij voorstelt. Tim Burton, de beroemde regisseur van “duistere” films, zou er maar wat graag een film over willen maken…

 

 

 

Vleugellam

 

Gevleugelde woorden, ineengedoken
in het diepste van het hart
Ze blijven daar onuitgesproken
met de slagpennen gebroken
Vleugellam ineengedoken

Van buiten glanzende verenpracht
Maar van binnen klaagt heel zacht
een bange vogel in de nacht

 

An Cuijpers, sept 2002

Gedicht An jan 2020

De rook is lettelijk opgetrokken van de bonte, drukke en knallende feestdagen. We zijn nu als vanzelf in een kille en grijze januarimaand beland: tijd voor een oprechte gedachte van onze An.

 

 

Schreeuwend en opdringerig
brutaal en opwinderig
zo kun je reclame omschrijven
van grote en kleine bedrijven

Voor de feestdagen een hoogtepunt
werd er flink met prijzen gestunt
Twee kopen en maar één betalen
en de mensen maar halen en halen

De vetzucht springt ons naar de keel
want we eten veel te veel
Gelukkig zijn er ook voedselpakketten
voor hen die geen feestmaal
op de dis kunnen zetten

Wij kunnen dus eten
met een gerust geweten?

 

An Cuijpers-Rutjens

Over ieder woord zou je moeten kunnen schrijven… Onze An schrijft in ieder geval met verdacht veel gemak over de hop. Wij verdenken haar stiekem van ondeugende jeugdherinneringen:)

 

 

Hop

De hopduivel verandert een degelijke meid
in een losbandige giechelgeit
Hij krijgt de beste kansen
bij het bierdrinken en het sjansen
Het giechelen is dan niet meer te stuiten
Pas later huilt ze tranen met tuiten.

 

An Cuijpers
Oktober 2002

 

De leden van de SKO wensen u een Gelukkig Nieuwjaar!

Wij verlaten het oude jaar met dit ijzersterk voornemen van Terry om zich niet gek te laten maken…

 

 

Oud vel

Reclame, daar baal ik nou werkelijk van
want net als ik denk dat het nog wel kan
komt er zo’n geheel frisse en gladde meid
die uiterst serieus verkondigt: ‘t is tijd
om aan rimpels en kraaienpootjes te werken
Leeftijd gaat tellen, en ZIJ kan het merken

Huidmechanisme wordt op peil gebracht:
’t vernieuwt, ’t verjongt en het verzacht
Rimpels maken vaak een markante kop
maar daar valt een modern mens toch niet meer op?
Ze vertellen me een beetje over zijn of haar leven,
de menselijke oneffenheden die zo’n uitstraling geven

Ik ben het waard, u toch ook
om rimpelig te worden als een oud “spook”?!

Terry van Lierop
Februari 2001

Gedicht José dec 2019

De SchrijversKring Ospel wenst jullie allen een warm, bijzonder, lekker, sfeervol Kerstfeest samen met jullie dierbaren!

 

 

Verbondenheid

 

Subtiel kaarslicht werpt een lange schaduw
op de kunstzinnig gevormde ballen
Sfeervol gedekt de grote tafel
er is voldoende plek voor ons allen

Samenzijn met je naasten
Gezelligheid staat voorop
Ontspanning, warmte en liefde
geen sores aan je kop

Een tijd van saamhorigheid
geen plek voor chagrijn
Voor mij persoonlijk,
zou het altijd Kerst mogen zijn

 

José Bergh-Berben

Kort verhaal José dec 2019

Onze José blijft het spannend houden in haar korte verhalen… Laat je door onderstaand avontuur niet ervan weerhouden om enthousiast de feestdagen in te duiken!

 

 

Anticlimax

Brrrr…. KOUD!
Ik probeer mijn ogen te openen maar het gebonk in mijn bovenkamer is van een niveautje 8 op de schaal van Richter. Begrijpen waar ik me bevind is op zich al een hels karwei. Ik tracht te focussen en pers mijn ogen tot spleetjes, ik zie wimpers en vaag licht en het is verrekte koud. Langzaam laat ik mijn handen over mijn lijf glijden en merk dat ik ook niet echt winterklaar ben zullen we maar zeggen. Een niemendalletje van een jurkje en dunne panty’s volgens mij. Naast me voel ik iets leerachtigs en gok dat het de achterkant van de bank is. Pff, ingeklemd dus tussen bank en muur. Hoe ben ik hier nu weer beland?
Adem in, adem uit, adem in, adem uit.
Nou, met mijn luchttoevoer is niks mis, maar de reuk waar dat mee gepaard gaat is nu niet bepaald om over naar huis te schrijven. Misselijk word ik er van! Kokhalzend probeer ik omhoog te komen en na veel hangen en wurgen zit ik eindelijk op mijn derrière. De misselijkheid zakt een beetje maar opstaan gaat niet echt gesmeerd. Zal ik toch maar weer gaan liggen? Het lijkt me echter een strakker plan om even door te bijten, al krijg ik bij de gedachte aan bijten wel braakneigingen. Bahhhh, die zure vieze smaak in mijn mond.
Ik worstel me op mijn knieën en grijp kordaat de bovenkant van de bank vast om mezelf op te trekken naar een hoger level. Als ik met mijn doppen over de rand van mijn bank kijk ontneemt me dat meteen alle zin om verder te gaan.
De voordeur staat wagenwijd open zo te zien, vandaar die kou. Mijn hersens registreren een grote puinzooi. Ik herinner me een kamer vol mensen die duchtig aan het feesten zijn. Aan de lege en halfvolle glazen en flessen te zien was het iets TE gezellig. Overal liggen resten van hapjes en de overvolle asbakken staan erbij alsof de gebruikers hebben geprobeerd in rook op te gaan. Wat hun waarschijnlijk op den duur is gelukt, er is geen hond meer te zien. Vertrokken zonder iets te zeggen of was ik te ver heen?
Als mijn inmiddels open ogen de mooie zilveren schaal ontdekken die op het randje van de tafel balanceert is dat de druppel die me over het randje pusht. De aanblik van het gestolde laagje vet op de gore zompige ballen.
Met een strakke beweging parkeer ik mijn maaginhoud op de zwevende parketvloer waarbij ik een kunstig patroon van spetters en brokjes op de gestucte muur en de achterkant van de bank drop. Waarschijnlijk allerminst creatief maar wel spontaan.
Langzaamaan realiseer ik me dat ik mijn goede voornemen om fris en fruitig het nieuwe jaar in te gaan nu alweer verbroken heb…

©José Bergh-Berben
December 2019