Feeds:
Berichten
Reacties

Gedicht Annie dec 2019

Een gedicht geschreven vanuit het warme hart van onze Annie. Over herinneringen die een huis een thuis maakten…

 

 

Familiebericht

 

“Vértien daag nò ons mam is ónze pap gegao”

Het zijn maar letters
aan elkaar geregen tot woorden
maar ze vertellen
vertellen een verhaal

Over zorgen en zorgen hebben
er voor elkaar zijn
afscheid nemen
een huis vol leven
herinneringen hechten
aan wanden en stulpen
uit kasten en zolders
herinneringen glijden langs je ogen
gaan door je handen
haken weer vast in je hart
rakelen weer iets op
herinneringen zittend op een traptrede
bukkend onder het zolderdak
op je knieën voor de kast
‘kijk eens hier, weten jullie nog?’
tranen, een volle lach
een tedere gedachte

Daarna het holle lege huis
elk spijkergaatje dichtgestopt
dierbare spulletjes verdeeld
louterende gedachten
om verder te kunnen
verdrietig, in rouw, gesterkt
de deur voor het laatst achter je gesloten

 

Annie Kessels

Kleine kinderen worden zo snel groot! Vandaag een warme herinnering van trotse moeder Terry.

 

 

Obstakel

Nou ik alleen
ik ben al groot hoor
Vol enthousiasme
grijpt hij zijn fiets

Kijk mijn vlag eens wapperen
kabouter Plop op m’n fietsbel
zo’n mooie kleuren
… verder ziet hij niets

Hij kijkt achterom:
wat staat mama te roepen
Oh jeee een man met een hond
Waarom moest die
dààr nou net poepen
Zijn fietsje glijdt weg
Hij landt op zijn kont

Kom op zegt mama
probeer nog eens
Nu lukt het vast
je had zo’n plezier

Makkelijk praten
maar ’t is wel mijn kontje
Morgen misschien
dan ben ik vier!

 

Terry van Lierop
Mei 2001

Zo’n 20 jaar geleden, zonder dating sites als Tinder, viel het niet mee om aan een partner te komen! Karin zocht en vond op haar eigen manier…

 

 

Een nieuwe relatie

 

Na twintig jaar was ´t over en uit:
onze relatie liep al lang voor geen meter
Soms moet je afscheid nemen, dat is
voor beide partijen achteraf beter

Ik ging een nieuw maatje zoeken in de stad
keek rond in winkels en op straten
informeerde, las, woog af
de voors en tegens der kandidaten:

te snel, te degelijk of te saai
Soms boden ze mij hun diensten aan
voor tè veel geld of was ik te kritisch
Ik zuchtte ervan; hij moest toch bestaan?

Een advertentie in de krant
bracht eind´lijk uitkomst voor mijn knagen
Ja, de date was zo gemaakt
en binnen het uur lag hij in mijn wagen

Voor zijn rollerbrakes bezweek ik,
zijn naam is “Sirius”: dat deed me wel iets
Het is wel een Belg, maar toch ben ik trots
op mijn nieuwe hybride-fiets!

 

Karin Vossen
17 augustus 2001

Zeer herkenbaar en een hart onder de riem voor “medeverslaafden”… Geniet er maar extra van in de komende decembermaand. Deze aubade van Terry behoort beslist tot de top10 klassiekers van ons 25-jarig bestaan!

 

 

Aubade aan chocolade

 

Chocola, o chocolade
blokje voor blokje ga je heen
als mijn wereld ineen stort
plak jij de chaos weer aaneen

Chocola, o chocolade
geen behoefte aan chips of seks
bevangen door woest borrelende hormonen
voel en ben ik soms een heks

Chocola, o chocolade
kick voor smaakpapillen, rust voor mijn gemoed
kilo’s kleven aan de billen
cholesterol piekt in mijn bloed

Chocola, o chocolade
alsjeblief laat me niet alleen
in deze roodgekleurde dagen
help me door m’n cyclus heen

Terry van Lierop
12 oktober 2001

Gedicht Resi nov 2019

Hoe zit je de tijd uit bij “zoveel wachtenden voor u” aan de telefoon? Resi ging in die wachttijd in gedachten op reis, op de vleugels van de song van R. Kellly. Dat leidde tot een bijzonder gedicht!

 

 

Adelaarsnest

 

I believe I can fly
I believe I can touch the sky
I spread my wings and fly away

er zijn nog 5 wachtenden voor u

ik dagdroom weg
zweef hoog boven de aarde
waan me een adelaar

er zijn nog 4 wachtenden voor u

ik zie de aarde branden
in de oceanen drijft plastic
hordes mensen zijn op drift

er zijn nog 3 wachtenden voor u

maar het weidse zicht
op bergen, meren en wouden
is in één woord: hemels

er zijn nog 2 wachtenden voor u

het wordt tijd mijn vlucht
te beëindigen en langzaam
te landen op mijn veilige nest

er is nog 1……..

Goede middag, waarmee
kan ik u van dienst zijn?

 

Resi Faessen-Teeuwen

Kort verhaal Terry nov 2019

Neem even een moment voor jezelf om dit prachtig hartverwarmend verhaal van onze Terry te lezen. Dat is beslist de moeite waard! Een pleidooi van Terry voor een hechte buurtgemeenschap, verwoord in het trieste verhaal van Kees…

 

 

Kees

Precies om kwart over acht ‘s morgens passeert hij iedere werkdag mijn huis, op weg naar een leuk gesprek of op zoek naar een karweitje waar hij iemand een plezier mee kan doen. Zijn honorarium wordt vastgesteld na het voltooien van zijn opdracht. De mensen geven hem wat ze kunnen missen. Zijn dankbaarheid is altijd even groot, ongeacht het bedrag wat hij ontvangt. Hij telt bij het bedrag de mooie sociale contacten op en rondt dit af naar boven. Met een grote glimlach verlaat hij zijn werkadres van die dag en keert in volle tevredenheid naar huis terug. De dorpsbewoners dragen hem over het algemeen een warm hart toe. Toch zijn er altijd klojo’s die onze goedzak Kees en public te kakken willen zetten. Kees weet dan absoluut niet wat hem overkomt of hoe te reageren. Zijn gezichtsuitdrukking gaat van verbazing naar uitermate verdrietig. Meestal zijn er mensen in zijn buurt die het onmiddellijk voor hem opnemen en het tuig op hun plaats zet.
Hij is een vrolijk, goed mens, altijd in voor een grapje. Zijn gulle lach schalt dan ook menig maal door de ruimte.

Het dorp breidt uit. Net als in andere plaatsen is in ons gehucht behoefte aan nieuwbouw. Kinderen worden volwassen en mensen van buitenaf zoeken de rust op van het platteland. Weilanden veranderen in een mum van tijd in muziek weergalmende bouwplaatsen. Het is een komen en gaan van bouwverkeer en onbekende auto’s, bestuurd door vermoedelijk toekomstige nieuwe dorpsbewoners. Kinderen van oudere dorpsbewoners bouwen grote moderne huizen, die pas gevuld kunnen worden met eventuele kinderen nadat zij geruime tijd met tweeën hebben gewerkt. De oudere mensen die van buitenaf in het dorp komen wonen, bouwen moderne bungalows, gelijkvloers en levensloopbestendig. Wanneer de bouw van de huizen en bungalows is voltooid en wegen plus groen zijn aangelegd, wandelt Kees op z’n gemak rond in de nieuwbouwwijk. Hij geeft zijn ogen goed de kost en probeert met de nieuwe mensen een gesprek aan te knopen. Vertwijfeld en met weinig enthousiasme geven ze hem antwoord op zijn vragen. Ze zien hem liever gaan dan komen. Hij wordt door hen van kop tot teen onder de loep genomen en niet waardig bevonden. In ieder geval niet passend in hun fancy nieuwbouwwijk. Ze vragen zich overduidelijk af wat deze man van hen wil en waarom hij zich in hun wijk bevindt. Kees is zich van geen kwaad bewust. Hij doet wat hij altijd doet, leuke gesprekken aangaan en misschien een karweitje verrichten. Maanden gaan voorbij en Kees verricht elke werkdag wel ergens een karweitje maar meestal in het oude gedeelte van het dorp. In het nieuwe gedeelte ziet hij wel volop mogelijkheden, vooral qua onderhoud van tuinen, maar de bewoners wuiven hem met zachte hand van hun erf. Onze Kees ziet in elk mens het goede en heeft niet in de gaten dat hij eigenlijk niet gewenst is.

Na een tijdje belandt er een brief van de gemeente op zijn deurmat. Met de officiële zinnen die hier in staan, kan Kees helemaal niets. Lezen is sowieso niet zijn sterkste kant. Hij vraagt me of ik weet wat er in de brief staat vermeld. Kort samengevat komt het er op neer, dat de gemeente klachten heeft ontvangen van bewoners uit de nieuwbouwwijk. Ze hebben liever niet meer dat hij bij hen komt ‘schooien’ om werk of wat dan ook. Mocht hij dit negeren dan zullen er andere maatregelen worden getroffen. Ik barst bijna uit mijn vel van kwaadheid. Wat menen ze wel die zogenaamde “elite”. Als ik opkijk van de brief en het gezicht van Kees zie, springen de tranen in mijn ogen. Hij ploft neer in een stoel en vraagt verbouwereerd wat hij in godsnaam fout heeft gedaan. Zo goed en zo kwaad als ik kan leg ik hem uit dat de mensen in de nieuwbouwwijk hem niet zo goed kennen als wij, de oude dorpsbewoners. En niet gewend zijn dat iemand bij hen aan de deur komt om karweitjes te verrichten. Ik adviseer hem voortaan maar in het oude gedeelte van het dorp te blijven. Hij knikt en staat op om weer verder te gaan. Hij ziet er zo terneergeslagen uit, dat ik hem een dikke knuffel geef in een poging hem wat op te beuren. Kees sjokt de deur uit en gaat naar huis. Geen werkdag voor hem vandaag, zijn hoofd zit vol muizenissen.

De brief is hard aangekomen bij Kees, langzaam zie je hem veranderen van een vrolijk goedlachs mens in een sloffende bedachtzame man. Wanneer zelfs sommige oudere dorpsbewoners – opgestookt door de nieuwbouwbewoners – Kees geen blik meer waardig gunnen, gaat het bergafwaarts met onze vriendelijke reus. Ik kan het niet langer aanzien en ga een gesprek aan met een gemeente-ambtenaar die op de hoogte is van de brief. Alles doe ik uit de doeken. Hoe Kees al van kleins af aan het dorp kleurt met zijn vrolijke gesprekken en later met het verrichten van karweitjes. Dat de man de goedheid zelve is en nimmer rare bokkensprongen heeft gemaakt. Zijn dagbesteding bestaat uit het communiceren met andere dorpsbewoners in de hoop hen een lach te ontfutselen. Hoe in hemelsnaam heeft de gemeente het in zijn hoofd gehaald om deze in het dorp geboren en getogen man zo’n rotbrief te sturen, die zijn levensdoel zo heeft ontwricht? Als tegenargument voert de ambtenaar aan dat hij eveneens met de andere nieuwe bewoners rekening moet houden. Hij kan niet ten koste van één man de klachten negeren. Welke argumenten ik van mijn kant uit ook aanvoer, hij is niet bereid van zijn standpunt af te wijken.

Door het verstoorde levensritme en het gedrag van sommige dorpsbewoners komt Kees amper meer in het dorp. Hij scharrelt nog slechts in en rondom zijn huisje. Er zijn verscheidene andere dorpsbewoners die zich om het lot van Kees bekommeren en zij bezoeken hem regelmatig met wat eten of om een gesprek met hem aan te gaan.
Hij is ze er dankbaar voor maar zijn spirit is gebroken. Hij verzorgt zich steeds slechter en ondanks mijn aansporingen kan hij hele dagen in bed liggen. Ik wil hem naar de huisarts brengen maar daar wil hij absoluut niks van weten. Een half jaar later sterft hij aan een hartstilstand, of zoals ik zeg: aan een gebroken hart. Ik kan het amper geloven dat een gedeelte van het dorp deze zachtaardige man zo heeft laten stikken. Verdriet en boosheid vechten om voorrang. Wil ik hier nog blijven wonen? Maar ik laat me godverdomme door die arrogante lui toch niet uit mijn eigen dorp wegjagen! Het is tijd voor serieuze actie.

Daar Kees geen familie meer had, koop ik het huisje met zijn enorme achtertuin en knap het helemaal op. Neem de voortuin onder handen en laat een mooi bord maken voor aan de gevel. De tekst luidt: De grootste schat van het dorp. Weken later gaat de deurbel. Voor de deur staat een cameraploeg van de provinciale televisiezender. Ze reizen door de provincie op zoek naar leuke, eigenaardige en mooie dingen, om zo boeiende en interessante gesprekken te creëren. Een beetje à la Kees. Ze zijn zeer benieuwd naar de achtergrond van de tekst op het bord. Na hen voorzien te hebben van de informatie zijn ze verbouwereerd dat mensen dit hebben laten gebeuren. Ze gaan op weg naar de nieuwbouwwijk om verhaal te halen en hun kant van het verhaal te horen. Daarna komen ze nog even bij me langs en verzekeren me dat ze Kees als mooi goedaardig mens op tv zullen herdenken. Ik geef hen nog een foto mee die ik lang geleden van Kees heb gemaakt, samen aan het werk in de tuin.
Een glimlach van oor tot oor. De foto word later naar me teruggestuurd.

De reportage op televisie doet hem werkelijk eer aan en ik pink menig traantje weg tijdens de uitzending. De gemeente wordt op het matje geroepen bij Provinciale Staten en de gemeenteambtenaar komt zijn excuses bij me aanbieden. Ik zeg dat hij veel te laat is en smijt de deur voor zijn neus dicht. Mensen komen van heinde en verre het huisje en het bord bewonderen, waar eerst die uitzonderlijke lieve man had gewoond. Al snel besluit ik van de achtertuin een pluktuin te maken, met gelegenheid voor een kopje thee en wat lekkers onder de overkapping. Het geld wat ik hierdoor verkrijg zet ik opzij voor een mooi doel. Al snel kan ik een soort zorgboerderij opzetten voor zwakbegaafde mensen zoals Kees. Hun dagbesteding bestaat uit leuke karweitjes in pluk- of moestuin en mooie aardige gesprekken met de bezoekers. Elke dag schalt er wel een lach door de tuin. Heerlijk.

 

Terry van Lierop, oktober 2019

Gedicht Peter okt 2019

Als herinnering aan ons overleden lid Peter Massee, vandaag een heerlijk nostalgisch gedicht van hem.

 

 

Mam, Erik heeft een klakkebus
Eet nu eerst je bord eens leeg,
Kareltje stopt verdrietig wat naar binnen
trouwens, ik zou niet weten wat dat is!

Vader, hoe maak je een proppeschieter?
Mannetje het is bedtijd, zeur nou niet
vlug tanden poetsen en avondgebed
Kareltje gaat henen, vol verdriet

Opa, had jij vroeger een erwtenblazer?
Opa is oud en stram
Hij bromt en pruttelt: Wat is dat nu voor gelazer?
Hij herinnert er zich niets mee van!

Kareltje verliest nu duidelijk zijn geduld:
van zo’n familie is ook niks te verwachten
Hij zoekt het huis door naar zijn oude katapult
Hij komt zelf wel weer op nieuwe gedachten.

 

Peter Massee, 1997