Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘Schrijverskring Ospel’ Category

Mopperen op regenbuien… wolken zijn zoveel meer! Onze Terry is meester in het gebruiken van weinig woorden.

 

Dromen op de wolken

Zoet
roze wolken
soms een donderbui
lucht blijkt vlug geklaard
kinderdromen

Spannend
grote speurtocht
actie, sensatie, romantiek
ridder op brommend blik
tienerdromen

Liefde
seksuele ontdekkingstocht
heftig fladderende vlinders
rozengeur en maneschijn forever
huwelijksdromen

Dromen
witte wolken
dagdromen wordt ontsnappen
aan drukte van alledag
leven

 

Terry van Lierop
21 mei 1999

Advertenties

Read Full Post »

Een pareltje van An! Ze brengt heel mooi onder woorden wat voor een  avontuur het kan zijn wanneer je schrijft.

 

 

Met de onzichtbare inkt der verbeelding
schrijf ik het oneindige verhaal
het gaat maar door en door en door
met fantastische wendingen
en plotselinge dwaze invallen
die me laten schaterlachen,
dan weer weemoedig omdat ik niet weet
hoe het verder zal gaan
maar toch… verstrijkt de tijd.

 

An Cuijpers-Rutjens

Read Full Post »

Voor het verhaal van de maand blijven we nog even in Halloweensferen… geef José een suggestie zoals “de kist” en je krijgt een spannend en zeer verrassend verhaal!

 

 

De kist…

 

Dan neemt hij de sleutel en opent de kist.
Tot zijn onbeschrijfelijke vreugde is die leeg

op één briefje na…

 

Graftakkenweer! Zijn haar wappert echt alle kanten op.
Met de kraag van zijn trenchcoat hoog opgeslagen banjert hij met zijn in rubberen laarzen gestoken voeten door het natte gras. Het soppende geluid klinkt akelig hard naar zijn gevoel. Maar dat maakt in principe helemaal niks uit, de omgeving is uitgestorven. Hij grinnikt bij de gedachte dat dat eigenlijk wel coherent is aan een kerkhof. De oude grafzerken staan schots en scheef, aangetast door de tijd en moeder natuur. De groene wildernis moet eens een fraai ogend rustpunt zijn geweest voor bezoekers die hun dierbaren eerden. Niets wijst er echter op dat er nog een levende ziel de moeite neemt om dit oord überhaupt te bezoeken. Dikke kans dat de tuinman hier zelf ergens onder de zoden terecht is gekomen. Waarschijnlijk zelfs in een naamloos graf zonder fatsoenlijke steen. Roemloos ten onder gegaan aan zijn inspanningen, een armenluisgraf tussen de gefortuneerde blaaskaken die hem amper apprecieerden om zijn kunst tot rust creëren.
Hij kijkt eens om zich heen, voorzichtig de brokstukken omzeilend die her en der neergevallen zijn. Sommige stenen zien er echt uit als rotte tanden, verbrokkeld en zwart aangeslagen. Namen zijn amper leesbaar alsof de wind ze gedurende vele jaren laagje voor laagje heeft meegenomen. Reliëf is allang vergane glorie.

In de verte ziet hij de graftombe waarnaar hij onderweg is. Begroeid met mos en omarmd door wilde rozentakken en onkruid. Veilig beschut door een poort met daarop een ketting en een dik slot. Hij lacht maniakaal als hij zich bedenkt hoe onnozel dat is, zeker voor zijn familie is dat een zielige vorm van veiligheidswaanzin.
Een slot van niks dat hij in luttele seconden open heeft. De poort is zo gammel, het ijzer verpulvert als het ware tot stof. De tand des tijds heeft zijn werk goed gedaan.
‘Van as tot as en van stof tot stof’, prevelt hij terwijl hij uit zijn broekzak de sleutelbos pakt die de notaris hem heeft gegeven.

‘U zult op zoek gaan naar uw roots, het mysterie zal blijven bestaan tot u het antwoord op de vraag heeft gevonden. Hoe??’, de notaris sprak zelf in raadselen. ‘Mijn vader, God hebbe zijn ziel, heeft me op zijn sterfbed laten beloven dat ik zijn zoektocht naar een familielid zou voortzetten. U bent naar het schijnt de enige overgebleven nazaat meneer. Daarom overhandig ik u nu deze sleutelbos en een plattegrond. Indien u deze puzzel oplost verwacht ik u hier terug zodat ik u het pakketje, dat al die tijd in onze kluis heeft gelegen, kan overhandigen. Daarmee zal dan onze taak er op zitten. Ruim binnen de eeuw die we kregen trouwens’, glundert de pedante man.
‘Ik wens u veel geluk en wijsheid.’

Nou, daar sta ik dan. Buitengewoon tevreden dat ik in relatief korte tijd de kaart wist te ontcijferen. De hanenpoten maakten het er niet makkelijker op maar de plek waar ik moest zijn was voor mij overduidelijk. De tombe is afgesloten door een zwaar metalen deur. Ik neem de grootste sleutel aan de bos en probeer hem in het sleutelgat te krijgen. Het kost wat moeite maar uiteindelijk kan ik hem omdraaien onder het genot van een irritant piepgeluid waarvan ik de rillingen over mijn nek en rug krijg. De deur draait zwaar naar buiten als ik er aan trek en ik voel de vochtige muffe lucht in mijn gezicht slaan. De kille duisternis maakt het geheel enigszins macaber maar dat deert me niet. Te nieuwsgierig. ‘En voor de duvel niet bang!’ Stiekem moet ik toch wel lachen om mijn kinderachtige gedachten, maar dat zal wel aan de zenuwen liggen denk ik. Ik neem de kleine Maglite uit mijn jaszak en knip hem aan. Het scherpe licht onthult een hoge open ruimte behangen met spinnenwebben en jarenlang verzameld stof dat kunstzinnige nestjes heeft gevormd. Op een soort podium staat een kist. Geen gewone houten kist maar een speciaal vervaardigd stalen exemplaar, omwikkeld met meters kettingen en wederom een groot hangslot. Tot het uiterste gespannen neem ik een grote teug lucht en laat die langzaam ontsnappen …

Dan neemt hij de sleutel en opent de kist.
Tot zijn onbeschrijfelijke vreugde is die leeg

op één briefje na…

Meer hanenpoten!
Ik schijn mezelf bij terwijl ik me concentreer op het geschrevene. Het papier voelt droog en knispert maar de inkt is goed behouden gebleven.
Verbaasd begin ik te lezen …

Mijn beste,

Kennelijk bent U een bloedverwant, anders zou U dit nu niet lezen.
Aan U onthul ik het mysterie dat de wereld zoveel jaren bezighield. Waarschijnlijk bent U op de hoogte van mijn Kunsten en mijn prestaties die de wereld verbaasden. Toch was er één iemand die het waagde mij te overtreffen op een bepaald moment, tenminste dat dacht hij. Maar de charlatan zal niet gedacht hebben dat ik zijn truc doorzag en het perfectioneerde tot in de puntjes. Het geloofwaardiger maakte.
Het is niet zo difficiel als de mens denkt. Maar alleen aan U zal ik mijn geheim verklappen. Levend begraven worden is geen kunst, de truc is om er weer levend uit te komen. Mijn notaris of diens bloedverwanten zullen U een pakketje overhandigen als U ze dit schrijven laat zien. Daarin bevindt zich alles wat U nodig heeft.
Hopende op een succesvol vervolg van mijn levenswerk, verblijf ik met zeer grote achting. En wens U een leven vol Magie …

Getekend de dato: 01-10-1926

Verbijsterd bel ik de notaris voor een afspraak, waar ik meteen terecht kan. Ook hij is natuurlijk geïnteresseerd in mijn vondst.
‘Meneer Klok, ik ben zeer verheugd dat uw zoektocht geslaagd is. Mag ik vragen wat u nu met dit pakketje van plan bent?’
Ik kijk de man aan en vraag me af wat hij niet begrepen heeft aan het zinnetje “ Maar alleen aan U zal ik mijn geheim verklappen.”.
‘Dat is voor u een vraag en voor mij een weet, dat houdt de magie er een beetje in’, verkondig ik met een vette glimlach op mijn gezicht.

Ik spoed me huiswaarts en bel mijn vriendin Sittah dat er werk aan de winkel is terwijl ik intussen alvast een houten kist uit mijn hoge hoed probeer te toveren … ik moet nog veel oefenen.

©José Bergh – Berben
Oktober 2017

Geïnspireerd door “De kist” van Karin

Read Full Post »

Zorgen maken om onze blauwe planeet: toch kiest Karin voor hoop.

 

 

Vlinder

 

Er valt niets meer te marchanderen
dat zeggen smeltende gletsjers
die ons met donderend geraas
al de afgrond laten zien

dat zeggen de laatste dieren
en planten van hun soort,
een zwijgend verwijt van de evolutie

dat huilen de mensenbaby’s
die nog geboren moeten worden

dat staat geschreven in
een bodemloze toekomst van
superorkanen, kernafval,
fragiele ozon, plastic zeeën
en van nog veel meer
dat wij nu nog niet weten

Nee er valt allang niets meer
te marchanderen

Maar zoals die vlinder in China
klein en licht en onopvallend,
grote gevolgen creëert

zo wens ik dat op een goede dag
één promille van de mensheid
de balans doet omslaan
naar een omwenteling
op onze prachtige blauwe planeet

Dat moeder aarde moge helen
wij hebben haar zo heel
heel hard nodig

 

Karin Vossen, september 2017

Read Full Post »

Zo snel kan het weer dus omslaan binnen één week: niet moeilijk te raden wat het favoriete weertype van Karin is!

 

Storm

Zand in mijn ogen
schuurt en perst tranen

Wier, hout en vis
ruiken naar heimwee

De spokende wind wordt
windstil in mijn oren

Zout saust mijn haren
verleider van lippen

Armen en benen gespreid
Ik ben meester!
Ik sta in het leven!

en op warme Chocomel

 

Karin, februari 1999

 

Read Full Post »

Zo een prachtige nazomerdag als vandaag nodigt uit tot mindfulness. Een prachtig sfeergedicht van José.

 

 

Onthaasten

 

Een oogstrelende fonkeling,
liefkozend het kabbelende water
Moment van innerlijke rust,
de zorgen komen later

Schitterend het zonlicht,
creërend, ’n sferisch tafereel
Lommerrijke waterkant,
zinnenprikkelend, magisch geheel

Ver dragend de geluiden,
als echo’s in een verlaten dal
Het klaterende timbre
van een kleine waterval

Oase in een druk bestaan,
sereniteit in je hoofd
Momentjes van geluk …
als het tumult is gedoofd

 

©José Bergh – Berben
Oktober 2017

Read Full Post »

Zo herkenbaar deze overwinning op jezelf! Anja brengt haar jeugdherinnering heel mooi onder woorden.

 

 

De springplank

“Voor spreid sluit. Voor spreid sluit”
De stentorstem overstemde het schreeuwerig geluid van spelende kinderen. “Buikspieren aanspannen!” bulderde de stem. Had ik die wel? Met al mijn kracht probeerde ik mijn armen en benen gestrekt te houden. “Aanspannen!” Met een klein stokje raakte de meester venijnig de onderkant van mijn afhangende benen. Droogzwemmen moest ik in deze folterkamer: een kleine schaars verlichte ruimte met vier langwerpige krukjes. Hoe anders had ik mijn eerste zwemles voorgesteld. Na enige lessen werd er geen stokje meer gehanteerd en met een aai over mijn bol en de mededeling: “Volgende week mag je in het diepe” ging ik opgetogen huiswaarts.

Prompt een week lager meldde ik me opgewekt weer bij de meester, hoewel ik mijn twijfels had. Hij gaf me een kurken bandje dat ik geacht werd om te knopen. “Op de rand gaan staan en springen!” schreeuwde hij. Ik keek in het water en schatte in dat, als ik dat zou doen, ik wel eens helemaal onder water kon verdwijnen. Hij pakte een stok met een enorme haak, die achter hem stond en kwam langzaam op me af. Ik kwam, zag en overwon: met een sprong ging ik het diepe in. Ik klemde me vast aan de stangen die rond het hele bad bevestigd waren. Boven mij hoorde ik de bekende stem van de meester: “Los laten en dan: Voor spreid sluit. Voor spreid sluit.” Loslaten? Dat nooit! Al gauw kwam ik tot de ontdekking dat het kurken bandje toch een functie had en het vertrouwen in mijn meester groeide gestaag.

Het sprankelend vernuft van hem was onuitputtelijk, zeker als het ging om activiteiten met ballen, ringen, planken en meer van dat tuig. Zijn voorkeur lag duidelijk bij de hoge springplank, kortweg “de hoge” genaamd, hetgeen bewezen werd door de acrobatische toeren die hijzelf bij gelegenheid vertoonde. “En vandaag gaan we van de hoge springen.” klonk de inmiddels mij bekende stem. Zijn blik was duidelijk op mij gericht. Het vertrouwen dat ik hem enigszins had geschonken, was bij toverslag verdwenen. Dit kon niet waar zijn! Mijn ogen keken hem smekend aan en zachtjes mompelde ik: “Ik durf niet meester.” Hoorde hij me niet? Wat luider: “Ik durf niet meester!”

Hij pakte me bij de hand en zette me op de eerste trede. Hij keek me doordringend aan. Als in trance nam ik de tweede, de derde, de vierde. Het trillen van mijn benen nam toe naarmate ik hoger kwam. De controle over mijn klapperende tanden was ik volkomen kwijt en mijn armen hield ik geklemd tegen mijn borst. Bij het commando “springen!” realiseerde ik me dat ik boven stond. Voetje voor voetje schuifelde ik over het natte kokos tot het einde van de plank. Een duizelingwekkende diepte onder me. “Armen langs je lichaam en springen!” klonk het commando. Mijn armen? Waar waren mijn armen? Ik zocht waar de stem vandaan kwam. Waar was mijn meester? En plots zag ik de grijze gestalte in mijn richting komen. In paniek nam ik één grote stap voorwaarts en… ik kwam weer boven.

 

Anja Massee december 1999

Read Full Post »

Older Posts »